Kennis op Zondag

Programma Kennis op Zondag 2011

Programma Kennis op Zondag. Museon, Den Haag, 9 oktober 2011

 

Levi Lassen
(souterrain)

Zaal der Giganten

Studio
(souterrain)

Natuur& Natuurkunde

Mini-Aula
(begane grond)

Lichaam&Geest

Hoogland-Laagland
(eerste verdieping)

Maatschappij& Gedrag

13.00-13.45

Jan Hoeijmakers
Lang leve onze genen. DNA-schade en veroudering

     

14.00-14.30

Rens Waters
Het ontstaan van ons zonnestelsel: gewoon of toch heel bijzonder?

Albert Polman
Moonwalk voor licht: 'metamaterialen' laten licht kunstjes doen die in de natuur niet voorkomen

Esther Janse
Een goed verstaander... kan luisteren en breien tegelijk

Stijn Reijnders Mediatoerisme maakt het mogelijk om op reis te gaan naar de eigen verbeelding

14.45-15.15

Leo Kouwenhoven Quantummechanica in het dagelijkse leven

Wim van der Putten
De onderwereld controleert onze natuur

Iris Sommer Stemmen horen, paranormaal begaafd of psychotisch?

Corien Prins*

Over de hack bij DigiNotar, Privacy en de kwetsbare kanten van onze digitaliseringsambities

(*Verhinderd)

15.30-16.00

Dorret Boomsma Genetisch gelijk en toch verschillend?

Daphne Stam Hoe vinden we een tweede aarde?

Jaap van den Herik
Kunstmatige intelligentie als een service

Rob Zwijnenberg
Een zebravisje met twee hoofden - Op weg naar een nieuwe ethiek en esthetiek van de natuur

 

In de pauzes tussen de lezingenen van 16.00 en 17.30 uur kunt in de foyer bij de Meet & Greet praten met de sprekers. Gedurende de middag vinden in het Museon presentaties plaats van de Science Show & Quiz en Hoe zit dat en kunnen bezoekers experimenteren in het Plantenlab en bij de Science Snackkar.

 



Jan Hoeijmakers. Cartoon: Yvonne KroezeJan Hoeijmakers: Lang leve onze genen. DNA-schade en veroudering

Mensen leven steeds langer. Met de toenemende welvaart, verbetering van de medische zorg, betere voeding en hygiëne is de gemiddelde levensverwachting in Nederland sinds 1950 met zo'n vijftien jaar toegenomen. Ouderdom gaat echter vaak gepaard met gebreken. Naast ouderdomskwalen te wijten aan slijtage, stijgt de frequentie van ziekten als kanker, diabetes, botontkalking en Alzheimer met de leeftijd.

Recent onderzoek heeft aangetoond dat verouderen en verouderingsziekten voor een deel ontstaan door ophoping van schade aan het DNA, de drager van alle erfelijke eigenschappen. Het DNA loopt dagelijks in iedere cel van ons lichaam naar schatting 50.000 beschadigingen op door externe factoren zoals UV- en röntgenstraling en chemicaliën in bijvoorbeeld voedsel en sigarettenrook en door onze eigen stofwisseling, waarbij o.a. bij de ademhaling zuurstofradicalen ontstaan.

Reparatiemechanismen werken beschermend, zij proberen de ontstane DNA-schade te herstellen en daarmee kanker en verouderingsziekten tegen te gaan. De sleutel naar gezonder oud worden is te vinden in het activeren van de reparatiemechanismen, de beïnvloeding van onze stofwisseling en bescherming tegen DNA-beschadigende invloeden. Aan de hand van onderzoek aan zeldzame aandoeningen met versnelde veroudering en/of kanker, muismodellen voor deze ziektebeelden en toepassing van 'genomics' technieken en bioinformatica brengt Hoeijmakers veroudering, DNA-schade en langer gezond leven met elkaar in verband.

Jan Hoeijmakers (1951) is de belangrijkste expert in de wereld van DNA-herstel. Hij is als hoogleraar moleculaire genetica en afdelingshoofd van het Instituut Genetica verbonden aan het Erasmus MC in Rotterdam en bij een breed publiek bekend als de ouderdomsprofessor. Hij kreeg in 1999 een NWO-Spinozapremie. In 2000 werd Hoeijmakers lid van de KNAW. Daarnaast is hij een biotechnologisch bedrijf DNage gestart als Chief Science Officer samen met Rein Strijker als CEO. Van de ERC kreeg hij in 2008 de prestigieuze advanced investigator grant. Dit jaar ontving hij samen met Bert Vogelstein de Cancer Research Prize van de Charles Rudolph Brupbacher Stiftung (Zürich) en werd hij met Jan Luiten van Zanden onderscheiden met de Prijs Akademiehoogleraren voor zijn innovatieve onderzoek naar kanker en veroudering.


Rens Waters. Cartoon: Yvonne Kroeze Rens Waters: Het ontstaan van ons zonnestelsel: gewoon of toch heel bijzonder?

Sterren worden geboren in ijle gas- en stofwolken die zich tussen de sterren bevinden. Rond een jonge ster vormt zich een schijf waarin zich planeten kunnen vormen. Hoe gaat dit in zijn werk? Begrijpen we planeetvorming eigenlijk wel goed? Waarom ziet ons zonnestelsel er zo uit?

Rens Waters (1959) is wetenschappelijk directeur van het Netherlands Institute for Space Research (SRON) en sinds 2001 hoogleraar sterrenkunde aan de Universiteit van Amsterdam en de Katholieke Universiteit Leuven. Hij houdt zich in zijn onderzoek bezig met lichtverstrooiing door kleine deeltjes, de mineralogie van proto-planetaire schijven en de geboorte van sterren en planeten. De sterrenkundige werkte eerder onder andere als onderzoeker in Canada en bij het Laboratorium voor Ruimteonderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen.


Leo Kouwenhoven. Cartoon: Yvonne Kroeze Leo Kouwenhoven: Quantummechanica in het dagelijkse leven

Quantummechanica kennen we als de theorie van atomen en elementaire deeltjes. Wij bestaan ook uit atomen, dus ook voor ons bestaan vormt quantum de basis. Nieuwe ontwikkeling is dat wetenschappers werken aan steeds grotere objecten die zich volledig quantum gedragen, zoals tegelijkertijd op twee verschillende posities zijn. Tegenwoordig liggen die twee posities al een centimeter uit elkaar en kunnen we het gemakkelijk met het blote oog zien. Komt dat zien!

Leo Kouwenhoven (1963) is als universiteitshoogleraar verbonden aan het Kavli Institute of Nanoscience aan de TUDelft.  Kouwenhoven ontving in 2007 de NWO-Spinozapremie. Gefinancierd door de Stichting voor Fundamenteel Onderzoek der Materie (FOM) en Microsoft werkt hij aan een quantum computer die af moet zijn voor zijn pensioen in 2030.


Dorret Boomsma. Cartoon: Yvonne Kroeze Dorret Boomsma: Genetisch gelijk en toch verschillend?

In Nederland heeft ongeveer een op de honderd mensen een broer of zus met dezelfde erfelijke aanleg als zijzelf. Toch kunnen deze eeneiige twee- en meerlingen sterk van elkaar verschillen. Ze hoeven zelfs niet dezelfde erfelijk bepaalde aandoeningen en ziekten te hebben. Hoe kan dit? Wat kan de samenleving en de wetenschap leren van deze bijzondere individuen?

Binnen de genetica wordt het onderzoek onder discordante eeneiige tweelingen (van wie de genen niet overeenstemmen) steeds belangrijker, vooral nu we ook op moleculair niveau kunnen zoeken naar de oorzaken van hun verschillen. Ook bij het onderzoek naar causaliteit zijn eeneiige discordante tweelingen een belangrijke bron van informatie. Word je depressief doordat je migraine hebt of word je minder depressief als je gaat sporten? In deze lezing komt een aantal recente bevindingen naar voren over het DNA, genetica, maar ook de vraag of jongens slechter af zijn bij een juf dan bij een meester.

Dorret Boomsma (1957, NWO-Spinozapremie 2001), hoogleraar biologische psychologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, doet sinds 1987 onderzoek in tweelingfamilies. Inmiddels bevat het Nederlands Tweelingen Register (NTR) dat zij opzette unieke en uitgebreide onderzoeksgegevens. Zij werkt mee aan een groot Europees onderzoek om uit te zoeken welke genen verantwoordelijk zijn voor verschillen tussen volwassenen op het gebied van depressie, migraine en risico op hart- en vaatziekten. Bij kinderen en jongeren wordt gedragsgenetisch onderzoek gedaan naar onder meer ADHD, IQ en schoolse prestaties.


Albert Polman. Cartoon: Yvonne Kroese Albert Polman: Moonwalk voor licht: 'metamaterialen' laten licht kunstjes doen die in de natuur niet voorkomen

Metamaterialen zijn materialen die zijn opgebouwd uit minuscule bouwblokken, die ieder voor zich bekende eigenschappen hebben. De combinatie van deze bouwstenen leidt tot nieuwe materialen met spectaculaire eigenschappen die in de natuur niet voorkomen. Met een metamateriaal dat is opgebouwd uit nanodeeltjes van zilver en glas is het mogelijk licht stil te zetten of zelfs achteruit te laten lopen. Daarmee worden de klassieke wetten van de optica op hun kop gezet. Nieuwe superlenzen en toepassingen in goedkope zonnecellen liggen in het verschiet.

Albert Polman (1961) is directeur van het FOM Instituut AMOLF in Amsterdam en leider van een onderzoeksgroep op dit instituut. Polmans onderzoeksgebied is 'nanofotonica', het bestuderen van licht op extreem kleine lengteschalen. Zijn werk is van belang voor de ontwikkeling van goedkope zonnecellen en heeft geleid tot materialen met bijzondere optische eigenschappen die niet in de natuur voorkomen. In december 2010 ontving Polman een prestigieuze ERC Advanced Grant voor zijn onderzoek.


Wim van der Putten. Cartoon: Yvonne KroezeWim van der Putten: De onderwereld controleert onze natuur

Tot voor kort waren wetenschappers het erover eens dat abiotische factoren de belangrijkste drijvende kracht vormen achter veranderingen in de samenstelling van ecosystemen. Het paradigma is snel aan het veranderen. Op korte termijn zijn vooral biotische interacties bovengronds en in de bodem bepalend voor de samenstelling van natuurlijke vegetatie en de daarbij behorende biodiversiteit. Hierdoor kunnen we reacties van soorten op klimaatverandering beter begrijpen. Deze inzichten kunnen de voorspelling van gevolgen van biodiversiteitafname verbeteren en verduurzaming van productiesystemen bevorderen.

Wim van der Putten (1958) is afdelingshoofd aan het Nederlands Instituut voor Ecologie (NIOO-KNAW) en hoogleraar functionele biodiversiteit aan Wageningen Universiteit. Zijn onderzoeksgebieden bestrijken onder meer klimaatveranderingen, biodiversiteit, bodemecologie en ecologische systemen. De wetenschapper leidde onderzoeksprojecten van de Europese Unie en verbleef in 2003 en 2004 bij het Landcare Research instituut in Nieuw-Zeeland. Hij ontving van NWO een Vici-beurs voor onderzoek naar ecologische effecten van klimaatverandering en was een van de samenstellers van de European Atlas of Soil Biodiversity. Hij is mede-oprichter en voorzitter van het Wageningse Centrum voor Bodemecologie.


Daphne Stam. Cartoon: Yvonne Kroeze Daphne Stam: Hoe vinden we een tweede aarde?

'Zijn we alleen?' is een van de grootste vragen van de mensheid. In de laatste 15 jaar hebben de ontdekkingen van honderden planeten bij andere sterren ons dichter dan ooit bij het antwoord gebracht. We weten maar weinig van deze exoplaneten, omdat ze zo ontzettend ver weg zijn en vreselijk weinig licht geven. Wel weten we dat de meeste exoplaneten die gevonden worden grotegasplaneten zijn, en bovendien veel heter dan onze aarde. Hoe kunnen we kleine, rotsachtige planeten vinden en hoe zullen we er ooit achterkomen of zo'n planeet op onze aarde lijkt?

Daphne Stam (1969) doet bij SRON Netherlands Institute for Space Research in Utrecht onderzoek aan wolken en nevels in de atmosferen van planeten. Na haar promotie, waarbij ze zich met de aardatmosfeer bezighield, onderzocht ze als postdoc aan Cornell University in de Verenigde Staten wolken in de atmosferen van Saturnus, Uranus en Neptunus. Terug in Nederland breidde ze haar expertise uit naar planeten bij andere sterren, de zogenaamde exoplaneten. Zij richt zich speciaal op het zoeken naar aardachtige exoplaneten. 


Esther Janse. Cartoon: Yvonne KroezeEsther Janse: Een goed verstaander... kan luisteren en breien tegelijk

Stel: u bent per trein onderweg naar een afspraak, maar de trein staat stil midden in een weiland. Iedereen in uw coupé wil natuurlijk graag weten wat er aan de hand is en na enige tijd klinkt de stem van de conducteur door een slecht werkende intercom. Sommigen zullen iets opgepikt hebben van wat er werd gezegd, anderen hebben er niks van verstaan. Wat maakt nu, afgezien van gehoorscherpte, hoe goed iemand spraak in moeilijke luisteromstandigheden kan verstaan? In deze lezing gaat Esther Janse in op vaardigheden die iemand tot een goede luisteraar maken.

Esther Janse (1973), verbonden aan het Center for Language Studies van de Radboud Universiteit Nijmegen en het Max Planck Instituut voor Psycholinguïstiek, verdiept zich in spraakwaarneming in verschillende groepen luisteraars (jongeren, ouderen, mensen met een afasie). In eerder onderzoek zocht Janse uit hoe jongeren en ouderen van elkaar verschillen bij het luisteren naar spraak die moeilijk te verstaan is. Haar huidige onderzoeksproject (medegefinancierd met een Vidi-subsidie van NWO) richt zich op het zoeken naar vaardigheden die samenhangen met hoe goed iemand spraak kan verstaan in moeilijke luisteromstandigheden.


Iris Sommer. Cartoon: Yvonne Kroeze Iris Sommer: Stemmen horen, paranormaal begaafd of psychotisch?

Stemmen horen komt veel voor, ongeveer vijftien procent van de bevolking maakt het wel eens mee. Soms treden ook andere klachten op en is er sprake van een psychose. In deze lezing legt Iris Sommer uit wat er in de hersenen gebeurt als iemand stemmen hoort. Ook laat ze zien waarom sommige mensen vatbaar zijn om stemmen te horen en anderen niet.

Iris Sommer (1970) is hoogleraar psychiatrie en als hersenonderzoeker verbonden aan het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Zij heeft zich gespecialiseerd in de behandeling van psychose. Ze richtte in 2005 de Stemmenpoli UMC Utrecht, een polikliniek gericht op de behandeling van mensen die last hebben van stemmen horen. Op basis van inzichten uit eerder onderzoek van Sommer zijn er sinds een paar jaar vernieuwende behandelingen voor patiënten die stemmen horen en onvoldoende reageren op antipsychotische medicatie. Zowel haar onderzoeksresultaten en de behandelingen op de Stemmenpoli, beschrijft ze in haar populairwetenschappelijke boek Stemmen horen, dat april dit jaar verscheen bij Balans Uitgeverij. Iris Sommer is lid van De Jonge Akademie en ontving in 2009 een Vidi-subsidie van NWO.


Jaap van den Herik. Cartoon: Yvonne Kroeze Jaap van den Herik: Kunstmatige intelligentie als een service

Twee nieuwe ontwikkelingen domineren sinds kort het ict-onderzoek: cloud computing en crowd sourcing. De spannende vraag is in hoeverre kan kunstmatige intelligentie serviceverlenend zijn aan de behoefte van mensen en tegelijkertijd rekening houden met intellectueel eigendom en privacy? Willen we dat kunstmatige intelligentie eerlijkheid en rechtvaardigheid invult? Ondersteunen we deze ontwikkeling en waar leidt het tenslotte toe? Mijn mening is dat de wereld door technologie gedreven is en dat een lerend systeem ervoor zorgt dat intelligente clouds een steeds grotere plaats innemen op alle intellectuele gebieden.

Jaap van den Herik (1947) is een Nederlands informaticus en hoogleraar aan de universiteiten van Tilburg en Leiden. Hij houdt zich sinds de jaren zeventig bezig met computerschaak en kunstmatige intelligentie, gebieden die de laatste decennia sterk zijn ontwikkeld en verbreed naar Serious Gaming and Intelligent Crowd Sourcing. Zijn belangrijkste aandachtsgebieden zijn op dit moment eHumanities en eLaw. In Tilburg werkt hij samen met collega Eric Postma aan het identificeren van schilderijen en schilders alsook aan het opsporen van bijzondere patronen in samenwerking met de KLPD. In Leiden onderzoekt hij samen met Daniel Dimov de mogelijkheden van Crowdsourced Online Dispute Resolution (eBay heeft 60 miljoen geschillen per jaar te beslechten).


Stein Reijnders. Cartoon: Yvonne Kroeze Stijn Reijnders: Mediatoerisme maakt het mogelijk om op reis te gaan naar de eigen verbeelding

Steeds meer mensen kiezen voor een vakantiebestemming die zij kennen uit een boek, film of televisieserie. Een bekend voorbeeld is de filmtrilogie Lord of the Rings, die duizenden en nog eens duizenden fans naar Nieuw-Zeeland heeft gebracht. Waarom nemen zo veel mensen de tijd en moeite om de locaties van een verhaal te bezoeken? Welke gevolgen heeft dit mediatoerisme voor de inrichting en beleving van de desbetreffende plaatsen? En wat kan dit fenomeen ons uiteindelijk leren over de betekenis van verbeelding in onze huidige mediacultuur? In deze presentatie licht de cultuurwetenschapper Stijn Reijnders een tipje van de sluier op.

Stijn Reijnders (1976), universitair hoofddocent cultuur erfgoed aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, richt zich op het snijvlak van mediastudies en cultuurwetenschap. Van 2006 tot 2010 doceerde hij populaire cultuur aan de Universiteit van Amsterdam en startte hij zijn onderzoeksproject naar 'mediatoerisme': het fenomeen dat mensen naar plaatsen reizen die zij associëren met geliefde films, boeken of tv-series. Zijn proefschrift Holland op de helling. Televisieamusement, volkscultuur en ritueel vermaak uit 2006 werd bekroond met de Nescor Dissertation Award. Onlangs verscheen zijn tweede boek Plaatsen van verbeelding. Media, toerisme, fancultuur. Zijn onderzoek is mede-gefinancierd met een Veni van NWO.


Corien Prins. Cartoon: Yvonne Kroese Corien Prins: Over de hack bij DigiNotar, Privacy en de kwetsbare kanten van onze digitaliseringsambities

De hack bij DigiNotar maakt in vele opzichten duidelijk hoe kwetsbaar onze informatie-infrastructuur en daarmee onze digitale samenleving kan zijn. Ook als het op de bescherming van onze persoonsgegevens aankomt. Alles is met alles verbonden. Als één digitale steen omvalt, is de kans reëel aanwezig dat het gehele digitale kaartenhuis in duigen valt. Veel te weinig staan we stil bij de kwetsbaarheden van deze nieuwe gekoppelde wereld. De veelgehoorde uitspraak 'ik heb toch niets te verbergen' zegt daarom niet zozeer iets over de kennelijke houding van veel burgers t.a.v. hun privacy, maar veel meer over het volstrekte gebrek aan kennis over hoe de nieuwe digitale samenleving echt in elkaar steekt.

Corien Prins (1961) is hoogleraar recht en informatisering bij het Tilburg Institute for Law, Technology (TILT) van de Universiteit van Tilburg en daarnaast raadslid bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR). Zij overhandigde afgelopen 15 maart namens de WRR aan minister Donner het rapport iOverheid over de kwestbare kanten van digitalisering door de overheid. Corien Prins is lid van de KNAW en ondermeer lid hoofdredactie van het Nederlands Juristenblad.


Robert Zwijnenberg. Cartoon: Yvonne Kroeze Robert Zwijnenberg: Een zebravisje met twee hoofden - Op weg naar een nieuwe ethiek en esthetiek van de natuur

Deze lezing gaat over de noodzaak voor de levenswetenschappen om samen te werken met controversiële en provocatieve kunstenaars die in laboratoria kunst maken met levend materiaal, zoals met cellen, weefsel of hogere organismen als vissen en vlinders. Een voorbeeld van een dergelijke kunstenaar is Adam Zaretsky die heeft geprobeerd om in een laboratorium een zebravisje met twee hoofdjes te creëren en om fazantenembryo's transgeen te maken. Het is Zaretsky's zoektocht naar een nieuwe esthetiek en ethiek van de natuur onder invloed van de mogelijkheden die de levenswetenschappen daartoe bieden.

Robert Zwijnenberg (1954) is hoogleraar kunstgeschiedenis aan de Universiteit Leiden en directeur van The Arts and Genomics Centre (www.artsgenomics.org). Hij onderzoekt de relatie tussen kunst en natuurwetenschap en is met name geïnteresseerd in hedendaagse kunstenaars die deelnemen aan de biotechnologische praktijk en die kunst in een laboratorium maken. Door onderzoeksprojecten en samenwerkingsverbanden tussen publiek, levenswetenschappers, geesteswetenschappers en kunstenaars zoekt hij naar nieuwe wegen om vorm te geven aan de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de culturele, politieke, ethische en maatschappelijke implicaties van de resultaten van de levenswetenschappen. 


Science Show & Quiz:

Zelf gemaakte aardbevingen en sterrenlicht uit de magnetron. Spectaculaire proeven en weetjes waar je stijl van achterover slaat. Daar zit de Museon Science Show vol mee. (vanaf 8 jaar)


Hoe zit dat:

We weten allemaal wanneer we het koud of warm hebben, maar heb je ooit stilgestaan bij wat echte kou en hitte doen? Ontdek hoe koud vloeibare lucht is en hoe heet de vonken van de bliksem zijn. Zie hoe rozijnen als glas worden van de koud, of hoe een ballon ineenschrompelt. (vanaf 8 jaar)


Plantenlab:

Kan een plant ruiken? Is rode kool echt rood? Wat heeft vogelpoep met zaadjes te maken? En eet een vleesetende plant echt vlees? Nieuwsgierig? Kom naar het lab en doe een experiment! (vanaf 6 jaar)


Science Snackkar:

Hoe laat je een klok op aardappelenergie lopen? Wel eens rozijnen de chachacha zien dansen? Ruik jij het verschil tussen spruitjes en een patatje? En hoe blaas je een spekkie op tot megaspek? Al trek? Kom naar de Science Snackkar en 'proef' een experiment! (vanaf 8 jaar)


Cartoons: Yvonne Kroeze

laatst gewijzigd op 17 oktober 2011